Bij de ingang van de Albert Heijn zit meestal een vrouwtje die daklozenkranten verkoopt. Vandaag niet. Nu stonden er een lange charismatische, iets te gelikte jonge man, en een meisje met een lief gezichtje en een tablet in haar handen. Toen mijn vriendin en ik de Albert Heijn uitliepen sprak de charismatische man ons aan:
'Mag ik jullie iets vragen?' Dat had hij al gedaan, dus ik dacht: kom maar door, we zijn er nu toch. Zijn houding veranderde. Hij boog iets te ver voorover en vroeg: 'Wie van jullie is het meest behulpzaam?'
Mijn vriendin zei dat ik dat was. Toen vroeg hij: 'op een schaal van een tot tien?' Mijn vriendin gaf mij een volle tien. Erg lief, maar ik vroeg me af hoe kun je behulpzaamheid schalen? De man was duidelijk tevreden met het antwoord. Hij liet me zijn kaartje zien, gaf me een hand en begon met zijn verhaal.
'Ik werk voor een organisatie die geld inzamelt om leukemie bij kinderen te bestrijden. Ik vind dat iedere kind een eerlijke kans in het leven moet krijgen. Maar de overheid kan wel miljarden geven aan defensie maar voor onderzoek naar kanker bij kinderen van nul tot vier jaar is er blijkbaar niet genoeg geld. Dat vind ik niet eerlijk en daarom sta ik hier om iets voor die kinderen te betekenen. We vragen uw stem en of een donatie naar eigen draagkracht.'
Ik vond dat een nobel streven, maar er gingen ook wat alarmbelletjes voorzichtig rinkelen, dus ik wilde wat meer informatie. Ik stelde hem de vraag: 'Oké, onderzoek naar het bestrijden van kinderkanker, maar wat is de oorzaak?' in mijn beleving is het onderzoek naar de oorzaak minstens zo belangrijk, want als je de oorzaak niet kent, dus niet aanpakt, is het bestrijden, dweilen met de kraan open. De oorzaak wist hij niet direct, maar in een split second antwoordde hij: 'Kinderen hebben te weinig lichaamsbeweging en ze krijgen voeding met allemaal E-nummers.'
Ik dacht: Ja, maar kinderen tussen de nul en vier jaar hebben nooit veel lichaamsbeweging. En de voeding bestaat de eerste zes maanden uit borstvoeding. Het WHO adviseert zelfs om dit als hoofdvoeding door te zetten tot het vierde levensjaar; de alarmbelletjes begonnen steeds harder te rinkelen. Dus ik vroeg hem wat er precies onderzocht werd. Ik had mijn vraag niet toegelicht, maar het ging mij erom: wordt uitsluitend onderzoek gedaan naar de behandelmethode van leukemie bij kinderen of ook naar de oorzaak ervan, preventie en voorlichting aan de ouders. Dat soort dingen zijn belangrijk, toch?
Daar had die beste man geen antwoord op, zei hij naar alle eerlijkheid. Hij deed dit werk ook alleen om donateurs te vinden, want dat zag hij als zijn bijdrage aan de strijd tegen die vreselijke ziekte. Toen vertelde hij terloops over zijn vader.
'Mijn paps heeft jaren geleden ook kanker gehad. In 2023 is hij gelukkig schoon verklaard.' Terwijl hij dat zei, hield hij bij: 'gelukkig schoon verklaard.' theatraal zijn had op zijn hart.
Als ik al behoefte had om te doneren, was die nu volledig weg. Deze man speelde in op het gevoel. Bij veel mensen werkt dat, maar niet bij iemand die rationele, onderbouwde argumenten nodig heeft om overtuigd te worden. Mijn laatste vraag was: 'Wat is het nut van die donaties als investeerders kanker zien als verdienmodel en de overheid geen moeite doet om kanker te voorkomen? Dan ligt daar toch het probleem en dan staan die donaties toch niet in verhouding tot de oorzaak van het probleem?'
'Als we met die donaties ook maar een paar kinderen een toekomst kunnen schenken... ben ik al dankbaar.'
Ik heb de beste man verteld dat hij wel mijn stem krijgt, maar geen donatie. Maar dat ging helaas niet. Een stem was onlosmakelijk verbonden met een donatie. Dit verduidelijkte hij met een voetbal club:
'Als een club weinig leden heeft, dan krijgen ze geen subsidie van de gemeente, maar als een club veel leden heeft dan wel.'
Ik wou nog zeggen: 'Maar die donaties waren toch omdat de overheid überhaupt te weinig subsidie verstrekt?' Maar ik was er inmiddels wel klaar mee. We wenste de beste man veel succes met zijn nobele streven en liepen naar de fietsen. Bij de fietsen aangekomen zei mijn vriendin: 'Ik vond dit geen leuk gesprek. Ik heb er echt een rotgevoel van.' Misschien stond die man daar echt met de overtuiging dat hij goed bezig was. Maar zijn verhaal was te gelikt hij speelde vanaf het eerste moment in op het gevoel van mensen: 'Wie is het meest behulpzaam op de schaal van een tot tien?' Als ik niet doneer, ben ik dan wel behulpzaam? Ben ik nu een slecht mens?
'Ik vind dat iedere kind een eerlijke kans in het leven moet krijgen.'
'Kinderen' en 'eerlijke kans' spreken ook direct tot de sentimentele snaren van ons onderbuikgevoel. Maar als je erover nadenkt, heeft eerlijkheid hier helemaal niets mee van doen. Er is niemand die zegt: 'jij moet kanker krijgen en jij niet.'
In eerste instantie wilde hij mijn stem 'en of' een donatie. Bij stem denk ik aan een soort van handtekening als bij een handtekeningenactie. Later veranderde hij dat in een stem gaat samen met een donatie.
De man had geen inhoudelijke kennis. Hij had wat weetjes uit zijn hoofd geleerd, maar kon geen triviale vragen beantwoorden. Begrijpelijk dat specialistisch vragen buiten zijn bereik liggen, maar 'wat is de mogelijke oorzaak?' moet toch wel te beantwoorden zijn. Al zeg je maar: 'daar wordt dus onderzoek naar gedaan.'
